Verwacht

De volgende boeken staan in onze uitgeefplanning. Als u geïnteresseerd bent in één van onze komende uitgaven, meld u dan aan voor onze nieuwsbrief. U ontvangt dan automatisch bericht over de verschijning van onze boeken.

 

 

 

 

 
Zaanse Spanjestrijders

Vrijwilligers uit de Zaanstreek in de Spaanse Burgeroorlog (1936-1939)
Geschreven door Pim Ligtvoet en Willemien Schenkeveld, met medewerking van Erik Schaap.

Een uitgave over de Zaanse Spanjestrijders, inwoners van de Zaanstreek die tussen 1936 en 1939 als vrijwilliger deelnamen aan de Spaanse Burgeroorlog. Deze ongeveer dertig mannen en één vrouw zijn grotendeels in de vergetelheid geraakt. Dit boek brengt hun verhaal weer onder de aandacht en schetst tegelijk een beeld van de Zaanse samenleving van de jaren dertig.


 
Vernuftelingen en kooplieden in een productief landschap

De bonte mengelmoes van wonen, werken en recreëren in een middeleeuws ontginningslandschap maakt de Zaanstreek een uniek gebied. In dit bijzondere landschap  lopen heden en verleden door elkaar. Er is geen streek in de wereld waar je op een paar vierkante kilometer vier eeuwen industriegeschiedenis kunt aanschouwen.

In dit boek staat de vraag centraal hoe in een gebied met als enige natuurlijke hulpbronnen wind en water, het eerste plattelandsindustriegebied in Europa kon ontstaan. De Zaanse industrie weet zich sinds de zestiende eeuw steeds te transformeren, waardoor zij levensvatbaar blijft en nog steeds bestaat. Drie factoren hielpen daarbij: de vernuftelingen - de molenmakers, de uitvinders, de ingenieurs en de technici -, de kooplieden - die zich tot fabrikant en ondernemer ontwikkelde - en het landschap - de basis voor een verkeersinfrastructuur die steeds werd aangepast.

Deze drie factoren komen steeds terug in het boek. Naast de florerende bedrijven is industrieel erfgoed zelf een belangrijke economische factor geworden.  Industrie en industrieel erfgoed hebben bijgedragen aan een nieuwe bloei van de Zaanstreek.

Jur Kingma is al sinds zijn jeugd gefascineerd door de industriegeschiedenis van de Zaanstreek en heeft vele publicaties over delen van deze geschiedenis op zijn naam staan. In dit boek brengt hij al zijn kennis samen in een indrukwekkend overzicht in woord en beeld.
 

 
Zonder meer een mooie polder

In het hart van Noord-Holland ligt een van de jongste zeventiende eeuwse polders. Een droogmaking waar de waterbouwkundig ingenieur, Jan Adriaansz. Leeghwater, zich mee bemoeide. Het bleek een risicovolle onderneming die aan veel randvoorwaarden moest voldoen. Voorwaarden van omringende steden die, wijs geworden door eerdere droogmakingen, wisten waarover zij spraken. Aanvankelijk aangepakt door een groep Rijpers, maar na enkele tegenslagen afgemaakt door Amsterdammers.
Door financiële injecties van enkele welgestelden en overheden kwam de Starnmeer droog, maar de verwachtte winsten bleven uit. Goed dat men dat vooraf niet wist, want dan was de Starnmeer hoogstwaarschijnlijk nat gebleven.


375 Jaar later ligt de polder er vrijwel even groen bij als in het begin. Het is voor het grootste deel agrarisch gebleven en hoopt dat voorlopig te blijven.
De Starnmeer heeft de vroegere structuur nog weten te behouden. Lange tijd heeft het geen vaste oeververbindingen gehad en lag er als een soort eiland bij. Een verdeelde polder die met haar grondgebied afhankelijk was en is van veel verschillende gemeenten. 
Maar om zover te komen is er wel het een en ander gepasseerd. Er werd een fort aangelegd, de polder maakte twee keer een inundatie mee en er kwamen twee bruggen met een verbindende weg. Ponten gingen en kwamen en er kwam een naturistencamping.
Deze variatie komt in het rijk geïllustreerde jubileumboek aan de orde. Met interviews en resultaten van onderzoeken wordt u aan de hand genomen door de eeuwen die de Starnmeer heeft doorgemaakt. Het boek wordt afgesloten door enkele foto’s van het afsluitende jubileumfeest en geeft daarbij weer hoezeer de Starnmeerders bij hun polder zijn betrokken.
 

 
Gebouwd in De Rijp

In 1969 werd het dorp De Rijp ‘Beschermd Dorpsgezicht’. Een dorp dat groeide in een tijd dat alles lukte in Holland, ‘De Gouden Eeuw’, en dat nu door polders is omsloten in een agrarisch gebied. Het dankte zijn welvaart aan de visserij van haring en walvis dat naar de kleine haven in het centrum van Noord-Holland werd vervoerd. Veel van de gebouwen, woonhuizen, pakhuizen, kerken en het raadhuis zijn ruim 300 jaar oud.

In 1991 verscheen het boek ‘Gebouwd in De Rijp’. Daarin werd beschreven hoe het is om in een dorp als De Rijp te werken, te restaureren, te renoveren en nieuwbouw te plegen. Alle gebouwen binnen dat beschermd dorpsgezicht zijn straat voor straat en huis voor huis uitgetekend en beschreven. Ook is beschreven hoe het dorp zich sedert de 14de eeuw heeft gehandhaafd, ontwikkeld en hoe er is gebouwd. De auteur Cornelis de Jong, architect te Middenbeemster, restaureerde veel van de vervallen panden in het dorp en hij woonde zes jaar als beheerder in het Rijper Museum. Het boek was een groot succes en er is nog steeds vraag naar. Maar het is al geruime tijd uitverkocht.  

Gezien de vraag naar het boek en de ontwikkelingen in het dorp ontstond het idee om eens te bekijken of een herzien uitgave mogelijk is. Want sinds 1991 is er een flink aantal gerestaureerde panden bijgekomen.

Museum In ’t Houten Huis nam het initiatief met een aantal vrijwilligers om het aantal te inventariseren en te beschrijven zodat er een opzet voor een uitgave kon worden gemaakt.    In overleg met de VVV, het Museum en Stichting Uitgeverij Noord-Holland wordt het concept voor een herziene uitgave nu verder uitgewerkt en zullen de ‘nieuwe’ panden worden getekend conform de eerste uitgave.

 
Dakpankapberg

Het verschijnsel kapberg is binnen de agrarische bouwkunst een fenomeen op zich. Om niet te spreken van uniek. Een verticaal gericht bouwwerk met de kenmerken van een raketbasis, dat is ‘uitgevonden’ om de wintervoorraad hooi beschermd tegen weersinvloeden te bewaren voor het voederen van het melkvee. Goed voer betekent meer melk en meer kaas. Dus ontstond een strikt praktisch en essentieel hoog hok van hout om en over de hooiberg heen.

Thans een zodanig krachtige bouwvorm dat met zijn bijzonder karakteristieke model opnieuw particulieren en architecten inspireert bij moderne toepassingen. Woonfunctie, koppelconstructie bij verbouwingen, hoofdonderdeel bij nieuwe landhuizen, uitbreiding van bestaande woningen en (ver)nieuwbouw. In sommige delen van de provincie kom je de kapberg meer tegen dan in andere, maar met het boek dat dit najaar verschijnt kan iedereen kennis nemen van deze uitzonderlijke bouwvorm.

Het ontstaan, de geschiedenis van het gebruik, de bouwmaterialen en de constructie worden beschreven door auteur en beeldend kunstenaar Jan Deckwitz (Uitgeest) En journalist en monumentenman Theo van Oeffelt (Bussum) beschrijft de inspiratie van hedendaagse architecten over het hergebruik van vorm, materiaal en kleur. Wie was bijvoorbeeld de uitvinder van de in het verleden ruim toegepaste hangende dakpan. Een materiaaltoepassing die opnieuw zeer wordt gewaardeerd en bij allerlei soorten nieuwbouw wordt ingezet.

Dat er nog slechts 10 oorspronkelijke dakpankapbergen in Noord-Holland over zijn, is de directe aanleiding voor dit rijke boekje. Deze bouwsels in keramiek schreeuwen in dakpanrood om aandacht en bescherming.